LinksSitemapContact
U bent hier:

Wilfried Roels: 'Ik heb meteen gezegd: 'Ik zal niet klagen. Ik zal schrijven'.'

Toen Wilfried Roels, leraar op rust, te horen kreeg dat hij prostaatkanker had, nam hij zich plechtig voor geen seconde te klagen. Hij zou alle emoties rond zijn ziekte op een creatieve manier gebruiken, en schrijven. Cursiefjes, gedichten, losse bedenkingen. zo positief mogelijk. Vandaag stelt Wilfried het goed. En alles wat hij via het schrijven aan zijn omgeving gaf, heeft hij inmiddels dubbel en dik teruggekregen.

Tekst: Kathleen Vereecken, uit Leven 10, april 2001

Makkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk: niet klagen, positief denken, mooie stukjes schrijven en hup: alles gaat weer goed. Want, ook al is Wilfried van nature nogal optimistisch, toch kwam het nieuws van zijn ziekte hard aan.
"Ik weet nog goed hoe de dokter het verwoordde," herinnert hij zich. "'We moeten die kwaadaardigheid verwijderen', zei hij. Het klinkt wel mooi, hé? Het woord 'kanker' kwam er niet eens aan te pas. Toen ik thuis kwam, stortte ik in. Want, ook al had ik een sterk vermoeden over wat er aan de hand was, de bevestiging van dat vermoeden, de waarheid moeten horen. dat is keihard. Op dat moment was er van enig optimisme geen sprake. Prostaatkanker is vaak wel een goed te behandelen kanker, toch overheerste de dood mijn gedachten. Je moet weten: nog niet zo lang daarvoor was een vriend van mij aan prostaatkanker overleden."

Therapeutisch schrijven
Maar het tij keerde. Toen Wilfried drie weken later het ziekenhuis binnenging, nam hij zijn besluit. Hij zou schrijven, en wel zo positief mogelijk. En dat zou hij volhouden van vóór zijn operatie tot na de radiotherapie (chemotherapie was voor hem niet nodig).
Schrijven had Wilfried eerder al gedaan: hij heeft een aantal verhalen in de reeks 'Vlaamse Filmpjes' van uitgeverij Altiora op zijn naam staan. Dit was natuurlijk anders. In eerste instantie waren de stukjes vooral bedoeld voor zijn zoon die in Frankfurt woont, en die graag op de hoogte wilde blijven van de vaderlijke gezondheid. En wie wil nu zijn eigen kind ongerust maken met sombere verhalen over ziekte en dood? Maar het werd meer dan dat.
Wilfried: "De dag voor mijn operatie ging ik het ziekenhuis binnen. Het was een dag van onderzoeken, van voorbereiding. Maar bovenal was het een dag van veel en lang wachten. Ik had wel al eens gehoord van 'therapeutisch schrijven', waarbij je de dingen verwerkt door ze van je af te schrijven. En wat kon ik toen, tijdens het wachten, beter doen dan schrijven? Het resultaat was dat ik op de dag van de operatie zelf veel rustiger was dan ze daar gewend waren. Toen ze me vroegen hoe dat kwam, zei ik gewoon: 'Ik heb geschreven'."
En niet zonder gevoel voor humor...: "Opa zei vaak dat hij maar 'n occasie was. Het was oma die een afspraak maakte voor een medische controle. De prijs was onbelangrijk. Opa was het waard en bovendien goed verzekerd. De dokter: 'We maken hem zo goed als nieuw. We maken er nog een toffe opa van.' Geen nieuwe papa! Opa is niet veeleisend. Hij wil niet verder springen dan zijn stok lang is." (uit Wilfrieds notities 'Ludiek genezen')

Troost en hoop putten uit muziek
De operatie was lastiger dan Wilfried vermoed had. Ruim vijf uur duurde ze, en de eerste dagen nadien voelde hij zich zonder meer beroerd. Gelukkig had hij pen en papier. En muziek. Want dat was, naast het schrijven, zijn tweede grote bron van troost. "De derde nacht na mijn operatie werd ik wakker," vertelt hij. "Ik lag te staren in de duisternis, kon niet meer slapen en besloot dan maar naar een stukje muziek te luisteren. Ik nam mijn discman en toen hoorde ik een koraal van Bach: 'Gottes Wille.' klonk het. Dat was een prachtig moment. Toen voelde ik voor het eerst dat ik erdoor zou komen. Oké, dacht ik: Jezus is op de derde dag verrezen. Met mij zal het ook zo gaan."

Charmeren en gecharmeerd worden
Verhalen, gedichten, cursiefjes, losse bedenkingen over zijn verblijf in het ziekenhuis, zijn kleinkinderen en vrienden... Liedjes van dankbaarheid aan zijn verpleegkundigen en artsen... Wilfried schreef het allemaal op. Een van zijn kleinkinderen inspireerde hem tot:
"Waarom opa,
hebben ze geen kleurenfoto's van je buik gemaakt?
Wat zouden ze beginnen
't is allemaal wit-zwart daarbinnen!
Waarom naaien ze geen rits,
dan kunnen ze toch beter zien,
of doet dat pijn misschien?"

De dokters en verpleegkundigen waar hij mee te maken had, lijken in Wilfrieds gedichten zonder uitzondering prachtmensen. Waren ze nu écht zo fantastisch, of heeft hij ze een beetje 'verleid' met zijn pen?
Wilfried: "Ik denk dat het een wisselwerking was. Ooit vertelde een bevriende verpleegkundige mij hoe zwaar haar werk kon zijn. Er waren soms echt moeilijke patiënten, maar tegelijk ontmoette ze ook mensen waar ze echt iets aan had. Mensen die ze met plezier verzorgde, omdat ze zo vriendelijk en dankbaar waren. Dat verhaal viel bij mij niet in dovemansoren. Ik zou ervoor zorgen dat ze mij gráág zouden verplegen. Ik was dus niet alleen vriendelijk tegen de verpleegkundigen, ik begon ook voor hen te schrijven. En hoe meer ik schreef, hoe meer verpleegkundigen mij kwamen vragen of ik voor hén ook een gedichtje wilde schrijven. En dat deed ik, met plezier. Ik weet het wel: het is een beetje vleierij. Maar als zij me goed verzorgen, mag ik toch iets voor hen terugdoen? Ik charmeerde hen graag, en ik was op mijn beurt gecharmeerd toen ik zag hoeveel deugd die gedichtjes hen deden. Waarom zou ik het niét gedaan hebben?"

Nog een fragment: "Ik voel me een kleine koning op de urologie. Elke dag een beetje meer, naarmate mijn zieke lichaam aan krachten wint. Ik voel me zo dankbaar tegenover al die toffe mensen in mijn dienst. Dank je wel, Pauletje, die injectie gisteravond, goed geplaatst hoor, koninklijk gedaan.
Ik voel me een kleine koning als mijn vrienden bellen, me een bezoekje brengen of een kaartje schrijven. Als de kleinkinderen op mijn waterbed spelen, als oma ze vermaant dat ze voorzichtig moeten zijn met opa. Ik voel me een kleine koning als de laatste verpleegster de tijd vergeet als ze op mijn kamer een gezellige babbel komt slaan en zich haastig weer naar haar werk rept."

Naar het verhalenoverzicht