LinksSitemapContact
U bent hier:

Vrijwilligers voor kankerpatiënten. Isabelle Janssen: 'Kankerpatiënten willen zo graag hun verhaal eens kwijt'

Isabelle Janssen. Foto Eric de Mildt Een paar jaar geleden was Isabelle Janssen nog elke dag druk in de weer met haar voltijdse job. Vandaag is ze thuiswerkende moeder van drie kinderen en vrijwilliger voor de Vlaamse Liga tegen Kanker. Elke donderdag houdt ze vrij om patiënten te bezoeken, thuis of in het ziekenhuis.

Tekst: Carla Rosseels, uit Leven 14, april 2002

"Het heeft mij nooit afgeschrikt om met zieke mensen om te gaan,' zegt Isabelle. 'Ik vind dat ziekte en ouderdom niet verbannen mogen worden naar ziekenhuizen en homes. Ik wil mijn kinderen tonen dat dat deel uitmaakt van het dagelijkse leven en dat niet alles wat je doet om geld moet draaien. Het is een ontzettende luxe om opnieuw tijd te hebben voor een babbel bij een kop koffie: met mijn kinderen, met vrienden en met kankerpatiënten."
Bij de geboorte van haar derde kind nam Isabelle loopbaanonderbreking. Toen de drukste babytijd achter de rug was en het vijfkoppige huishouden op wieltjes liep, kwam er ruimte voor wat anders. Een advertentie van de VLK trok haar aandacht. "Kanker, daar kon ik me makkelijk iets bij voorstellen. Mijn schoonmoeder stierf aan kanker. We hebben haar tot het eind thuis begeleid. Dat was een intense ervaring met vele warme momenten. Ze heeft zich altijd sterk gehouden - eigenlijk heeft zij ons gedragen. Iedereen dacht dat zij het wel aankon. Maar was dat echt zo? Ik hoop maar dat ze iemand heeft gehad bij wie ze eens kon huilen. Iedereen heeft trouwens recht op zo iemand, of dat nu familie is of een vrijwilliger."
"Ondertussen heb ik ontdekt dat dat precies de kracht van de vrijwilliger is. Heel wat kankerpatiënten sparen hun directe omgeving. Ze willen hun partner en hun kinderen niet belasten met hun emoties. Een vrijwilliger staat verder van hen af. Ze voelen dat je als vrijwilliger makkelijker kan luisteren. Zo kwam ik eens op huisbezoek bij een dame die zich enorm sterk hield. Ze leefde haar drukke leven alsof er niets aan de hand was. Bijna niemand wist dat ze kanker had, ook al was ze ondertussen haar haar kwijt en droeg ze een pruik. Toen ik bij haar zat, is ze vreselijk beginnen te huilen, en deed ze haar verhaal. Alleen bij mij was haar ziekte geen taboe." Voor de medische begeleiding van patiënten is, terecht, veel aandacht en geld, vindt Isabelle, maar elke patiënt moet ook door een tunnel van angst en pijn en dat wordt vaak vergeten.
"Elke keer weer, als de VLK mij een nieuwe naam en een adres doorspeelt ben ik wat onzeker", zegt Isabelle. "Wat moet ik in godsnaam zeggen", denk ik dan. Maar die spanning ebt meteen weg, wanneer ik binnenstap. Ik zeg meestal dat ik niet weet of ik kan helpen, dat ik gewoon kom luisteren. Dat is genoeg om het ijs te breken. Kankerpatiënten willen zo graag hun verhaal eens kwijt. We bezoeken de patiënten meestal maar een paar keer. Op die manier raak je ook niet teveel betrokken."

'Toch ben ik een paar maanden geleden verrast," vertelt Isabelle. "Ik begeleidde een zeventienjarig meisje dat aan leukemie leed. We knutselden samen. Dat deed ze graag. Ik ging er vaak op bezoek, had een goeie band met haar en de familie. Tot ze op intensive care belandde en na enkele dagen stierf. Haar dood maakte mij heel verdrietig. Toen merkte ik pas hoe verbonden ik me ondertussen met haar voelde. Maar op zo'n moment moet je als vrijwilliger toch op de achtergrond verdwijnen, aan de zijlijn gaan staan. Het grote verdriet is niet van jou, maar van de familie. Dat is moeilijk. Het deed wel deugd toen haar ouders me kort voor de begrafenis uitnodigden om tijdens de plechtigheid een tekst te lezen. Dat heeft mij geholpen om het afscheid te verwerken. Zo'n ervaring kan je als vrijwilliger geen drie tot vier keer per jaar doormaken. Je moet leren om een patiënt niet 'te graag' te zien en voldoende afstand te bewaren."

"Mijn man staat gelukkig helemaal achter mij en de kinderen vragen niet zoveel over mijn vrijwilligerswerk. Soms vertel ik zelf wat. Mijn dochters schrijven graag kaartjes naar patiënten en voor mijn knutselwerk met het meisje met leukemie zochten we soms samen materiaal bij elkaar. Toen zij stierf, zagen ze natuurlijk wel dat ik verdriet had. Dat mag, dat stop ik niet weg. Nu, ik kom niet voortdurend thuis met droevige verhalen over verschrikkelijke kankers. Ik ga er altijd van uit dat het goed afloopt. Als vrijwilliger weet je weinig over het medische dossier van een patiënt en dat is best. Ik wil hopen, geloven dat het goed komt en meestal is dat ook zo. Ik breng vooral veel voldoening mee naar huis. Het geeft energie, als je ziet dat mensen blij en opgelucht zijn. Vrijwilligerswerk is niet puur altruïstisch. Ik heb in dit anderhalve jaar veel geleerd: stilstaan, luisteren, mensen steunen. In mijn kennissenkring stierf onlangs een peuter. Vroeger zou ik mij uit ongemakkelijkheid op de achtergrond hebben gehouden. Nu durf ik een brief schrijven, nu weet ik hoeveel een telefoontje kan betekenen. Vrijwilliger zijn heeft mijn eigen leven enorm verrijkt."

 

Nieuw: VLK-vrijwilligers nu ook in ziekenhuizen

Jan Nagels, coördinator van het VLK-steunpunt in Oost-Vlaanderen: "De VLK werkt al jaren met vrijwilligers voor de begeleiding van kankerpatiënten. Sinds vorig jaar echter zijn onze vrijwilligers ook echt in een aantal ziekenhuizen aanwezig. In Gent liepen afgelopen herfst twee pilootprojecten, één in het AZ Sint-Lucas en het andere in de Volkskliniek. Elke donderdag zijn we met twee vrijwilligers aanwezig in het ziekenhuis. Patiënten kunnen in ons lokaal langskomen of we gaan bij hen op de kamer op bezoek. Onze vrijwilligers informeren hen over de diensten die wij aanbieden: cursussen over kanker, gespreksgroepen, schoonheidssessies, een vakantieweek of financiële hulp van het Sociaal Fonds. De vrijwilligers ondersteunen de patiënten ook, ze maken tijd om naar hen te luisteren en ze verwijzen ze door, naar de sociale dienst van het ziekenhuis bij voorbeeld. Of een patiënt die vreest dat hij zijn boodschappen niet meer kan doen, wordt doorverwezen naar een dienst die de patiënt verder op weg helpt. Het is niet de bedoeling dat de vrijwilliger dat soort taken op zich neemt. Onze vrijwilligers steunen de zelfredzaamheid van de patiënt en maken zich na verloop van tijd overbodig."

Alle hoeken van de provincie bereiken
Jan Nagels: "Het afgelopen jaar kende de Oost-Vlaamse VLK-vrijwilligerswerking een grote groei: in 2001 hadden we 20 actieve vrijwilligers, vandaag zijn het er al 38 en eind dit jaar willen we met 60 mensen werken. In de ziekenhuizen die we bezoeken, durven we echt uitpakken met onze vrijwilligers: dat zijn stuk voor stuk fijne, geëngageerde mensen die hun taak aankunnen. Ze krijgen een degelijke basisopleiding, volgen geregeld bijscholing en door die samenkomsten in groep stimuleren we het gevoel dat we ons als team samen voor kankerpatiënten inzetten."

Naar het verhalenoverzicht