Relaties en seksualiteit na borstkanker
Schrijf ons!
Stuur uw reactie op artikels uit het tijdschrift Leven naar de brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer van Leven.
Seks na borstkanker: praat erover met uw oncoloog
Niet alle relatie- of seksuele problemen na borstkanker zijn op te lossen met gesprekken of therapie. Door het verwijderen van de eierstokken, door chemotherapie of door hormoontherapie kunnen vrouwen bijvoorbeeld (vervroegd) in de menopauze komen. Belangrijke symptomen daarvan zijn een drogere vagina en een verminderd libido. Praat erover met uw oncoloog, hij kan u vertellen of de fysieke veranderingen blijvend zijn of wat eraan te doen is.
Dit advies geldt overigens niet alleen voor borstkankerpatiënten. Ook de behandeling van andere kankers kan achteraf de seksualiteit bemoeilijken.
Lotgenoten met borstkanker
Er zijn in Vlaanderen verschillende zelfhulpgroepen voor mensen met borstkanker.
Borstkanker haalt je leven overhoop. Hoe leef je daarna verder met een verminkt lichaam en wat met seksualiteit en relaties? Josée en Agnes vertellen openhartig hoe het bij hen liep.
Teksten: Carla Rosseels, uit Leven 27, juli 2005
Josée ontdekte pas respect en tedere seksualiteit na haar borstamputatie
Vijf jaar geleden moest Josée Peeters (48) een borstamputatie ondergaan. Ze had op dat ogenblik al vijf jaar een LAT-relatie. Het was een relatie waar ze in was weggevlucht na een ongelukkig huwelijk van twintig jaar. 'Toch liep die nieuwe relatie ook niet goed', zegt Josée. 'Mijn vriend dronk veel, was depressief en liet zich geregeld opnemen in de psychiatrie. Na mijn operatie liep het seksueel niet meer tussen ons, en eigenlijk had dat niets met mijn borstamputatie te maken, maar wel met het feit dat ik van hem geen steun kreeg en geen respect voelde. Onze LAT-relatie kabbelde nog een tijdje voort, tot ik na een DNA-onderzoek erfelijk belast bleek en een groot risico liep om te hervallen. Ik heb toen beslist mijn tweede borst en mijn eierstokken te laten wegnemen. In die periode kreeg ik, onder andere door meditatie, een heel andere kijk op mijn leven. Ik zag in dat mijn LAT-relatie enorm veel van mijn energie opslorpte en ik ben er definitief mee gestopt. Daarna was ik twee jaar alleen en ik voelde mij daar heel goed bij. Ik verlangde wel eens naar wat warmte en steun, maar zeker niet naar een seksuele relatie. Ik dacht ook niet dat dat nog tot de mogelijkheden behoorde.'
Tot ze op een dag in een wandelclub August ontmoette, een vroegere kennis. August was zelf na veertig jaar gelukkig huwelijk zijn vrouw aan kanker verloren. 'August vond bij mij een luisterend oor,' vertelt Josée, 'en ook ik kon mijn verhaal eens kwijt. Zo zijn we vrienden geworden. Oorspronkelijk verlangden we niets meer, maar gaandeweg kregen we toch vlinders in onze buik en zijn we aan een relatie begonnen. Ik vind het heel moedig dat August dat risico durfde nemen, want hij had tenslotte al een vrouw aan kanker verloren. Zelf was ik behoorlijk zenuwachtig toen onze relatie intiem werd en we voor de eerste keer met elkaar zouden vrijen. Niet dat ik mij over mijn lichaam schaamde, maar het is toch een hele stap om je zo aan een man te tonen. We hebben toen eerst over mijn onzekerheid gepraat, en daarna is het eigenlijk allemaal vanzelf gegaan, heel spontaan.
August heeft er nooit een punt van gemaakt, toen niet en nu nog steeds niet. Onze seksuele relatie loopt goed, al is seks voor ons geen prioriteit. We vrijen wel, maar eigenlijk zijn praten, wandelen en reizen belangrijker. Onze seksuele relatie is perfect afgestemd op onze noden en we voelen ons er allebei prettig bij. Gek genoeg heb ik pas liefde, respect en een teder seksueel leven ontdekt, nadat ik verminkt was en mijn borsten en eierstokken ben kwijtgeraakt. Ik voel mij nu goed en straal dat ook graag uit. Als we uitgaan, kleed ik mij mooi en maak ik mij op. Ik laat twee keer per jaar mijn gelaat verzorgen en ga af en toe eens onder de zonnebank. Alleen een diep decolleté, dat kan niet meer, maar dat is het minste van mijn zorgen.'
Agnes: 'Dankzij de seksuologe blijf ik mij als vrouw de moeite waard voelen'
Agnes (53), die liever anoniem blijft, was 36 toen haar linkerborst geamputeerd werd. Ze was gescheiden en leefde alleen met haar zoon van tien. 'De enige wens die ik toen had,' vertelt ze, 'was om nog vijf jaar te blijven leven voor mijn zoon. Relaties en seksualiteit hielden me toen absoluut niet bezig; weggaan deed ik niet. Pas na lang begon ik weer uit te gaan. Op danscursus ontmoette ik een man die, na een jaar samen dansen, meer zag in onze relatie. Mijn borstamputatie was nog nooit ter sprake gekomen, maar nu kon ik er niet langer omheen. Ik vertelde hem hoe het zat, maar ik zag hem tijdens dat gesprek verstijven. Hij klapte helemaal dicht en de volgende weken vermeed hij mij en kwam hij niet meer opdagen voor de danscursus. Dat vond ik erg vernederend. Ik nam het hem niet kwalijk dat hij geen relatie met mij wou, maar wel dat hij mij zo brutaal liet vallen, zelfs als vriendin.'
'Ik hield het uitgaansleven een tijdje voor bekeken, maar ontmoette uiteindelijk weer iemand. We trokken een weekendje als vrienden naar de Ardennen, gingen samen dansen en zo. Op een bepaald moment vroeg hij mij of het waar was dat ik maar één borst meer had. Hij had dat van anderen gehoord. Ik beaamde het en hij zei prompt "dat onze relatie hiermee dan stopte". Ook dat was een behoorlijke opdoffer.'
'André, met wie ik nu al tien jaar samen ben, heb ik ontmoet op een fietstocht. We konden heel goed praten en ik heb hem meteen verteld over mijn borstamputatie. André luisterde en toonde veel begrip en zo zijn we vrienden geworden. Omdat hij zoveel respect uitstraalde, zag ik het met hem wel zitten. Toen we voor het eerst gingen vrijen, heb ik hem gevraagd of ik alsjeblief mijn beha mocht aanhouden. Ik was bang dat hij zou gaan lopen. Het mocht van André. Ik heb mijn beha toch wel zeven weken aangehouden en in het begin mocht hij ook niet samen met mij in de badkamer komen. Maar André ging niet lopen en uiteindelijk heb ik mijn beha uitgedaan. André zei dat het litteken mooi genaaid was en dat deed mij plezier. Zo hebben we samen een hele fijne, intieme relatie uitgebouwd.'
'Tenminste, dat was zo, tot ik in november 2003 hervallen ben. Er is een gezwel weggenomen tussen mijn ribben en ik kreeg chemotherapie. Sinds een jaar is de behandeling afgerond, maar ik neem nog geneesmiddelen die de aanmaak van hormonen en mijn zin in vrijen afremmen. Een paar maanden na de chemo voelde ik me weer fit en kon ik opnieuw tuinieren, wassen, poetsen en uiteindelijk ook weer werken. Alleen mijn seksuele gevoelens bleven weg. Ik had geen zin meer, voelde geen prikkels en elk initiatief van André vond ik pijnlijk en irriterend. Ik wees hem af en bleef met opzet langer voor de televisie zitten als hij naar bed ging. Ik kon dat van mezelf niet begrijpen. Ik had ons seksuele leven altijd heel fijn gevonden en nu voelde ik niets meer. Ik voelde me zelf nog weinig waard als vrouw en ging aan mezelf twijfelen. Ik raakte er zelfs een tijdje van overtuigd, dat André, gezien de omstandigheden, waarschijnlijk iemand anders had. Ondertussen dacht hij hetzelfde van mij, omdat ik op alle terreinen normaal functioneerde maar hem op seksueel vlak afwees. In het begin wisten we dat niet van elkaar, maar we voelden ons allebei slecht. Tot ik het er bij de oncoloog allemaal uitgooide en die ons doorverwees naar een seksuoloog.
'Nu gaan we samen op gesprek bij een seksuologe die heel begripvol naar ons luistert. We praten nu veel eerlijker en open met elkaar, ook over alles wat moeilijk is en niet goed loopt. De seksuologe heeft ons ook een glijmiddel voorgeschreven, waarmee het wel lukt, ook al voel ik nog steeds geen prikkels en krijg ik geen orgasme. Toch is er veel veranderd. Ik weet nu dat ik, zelfs zonder seksuele prikkels, de moeite waard blijf als vrouw. We werken nu ieder aan onze eigen gevoelens en we kunnen het gedrag van de ander beter plaatsen. Dat helpt. We beseffen ook dat het niet vanzelf gaat en zolang er hoop is, wil ik me blijven inzetten om mijn seksuele gevoelens weer op gang te krijgen. Zo heb ik pas onlangs beseft dat ik eigenlijk bang ben van prikkeling en opwinding, omdat ik dan meer hormonen aanmaak en vrees opnieuw een tumor te krijgen. Vandaag heb ik die vraag voorgelegd aan de oncoloog en die heeft me verzekerd dat het ene niet tot het andere kan leiden. Dat heeft me opgelucht en misschien is dit ook weer een stap in de goeie richting.'
Maureen Luyens: 'Het seksuele leven heeft vaak een duwtje nodig na kanker'
'Wanneer je pas hebt vernomen dat je kanker hebt, valt je seksuele leven meestal helemaal stil', zegt seksuologe en relatietherapeute Maureen Luyens. 'De confrontatie met een levensbedreigende ziekte maakt mensen angstig. Op zo"n moment heb je vooral behoefte aan emotionele steun, een knuffel en het gevoel geliefd te zijn. Pas wanneer er in een volgend stadium opnieuw meer perspectief in je leven komt, sta je stil bij de vraag hoe je partner op je lichaam zal reageren. Vrouwen die geen partner hebben, vragen zich misschien af of een relatie nog wel mogelijk is of ze merken dat nieuwe partners afhaken. In een relatie waarin al jarenlang een hechte band bestaat, is een borstamputatie zelden een reden tot scheiding. Wanneer dat toch gebeurt, dan waren er meestal al problemen voor de operatie.'
Tijd nodig
'Voor de meeste vrouwen is een borstamputatie een erg zware verminking die hen raakt in het wezen van hun vrouwelijkheid', zegt Maureen Luyens. 'Vrouwen hebben in eerste instantie tijd nodig om daar zelf mee te leren omgaan. Het is normaal dat ze de fysieke confrontatie met hun partner eerst wat uit de weg gaan. Daarna kan het intieme leven verschillende kanten op gaan. Sommige vrouwen komen er moeilijk toe om hun verminkte lichaam te aanvaarden en blijven intiem contact met hun partner vermijden. Soms is het de man die de confrontatie met zijn vrouw niet aan kan en liever niet naar haar naakte lichaam kijkt en geen seksueel initiatief meer neemt.
Toch is het niet altijd wat het lijkt. Sommige mannen vermijden het om initiatief te nemen omdat ze ervan uitgaan dat hun partner dat niet apprecieert. De vrouw kan op haar beurt gaan denken dat haar man afkeer voelt en liever niet meer met haar vrijt. Zo komen koppels snel in een vicieuze cirkel terecht waarbij ze elkaars gedachten lezen en interpreteren. Helaas zijn die interpretaties vaak fout. Het is daarom erg belangrijk om open en eerlijk met elkaar over je gevoelens te praten, ook over de negatieve gevoelens van angst en afkeer. Vaak evolueren die gevoelens net door ze uit te spreken en kan de relatie daarna opnieuw openbloeien.
Een tweede stelregel is dat het seksuele leven meestal niet opnieuw spontaan op gang komt nadat het langere tijd heeft stilgelegen. De draad opnieuw oppakken na een ziekteperiode kost moeite en verloopt meestal wat artificieel. Partners moeten rond de tafel gaan zitten en open bespreken wat hen bezighoudt. Soms is het nodig om een bepaalde avond in de week voor elkaar te reserveren of soms helpt het om eerst een trappist of een glaasje wijn te drinken om de drempel te overwinnen. Ook de manier waarop, is van belang. Voor sommige vrouwen is het belangrijk dat het licht uit blijft tijdens het vrijen of ze hebben graag een dekentje bij de hand om zich veilig en beschermd te voelen. Als beide partners deze keuzes zien als mogelijkheden die perfect aanvaardbaar zijn, dan helpt hen dat vaak al een heel eind op weg.'
Samen zoeken in therapie
Soms lopen mensen vast in hun seksuele relatie. 'Zelfhulpgroepen waarin lotgenoten elkaar ondersteunen en ervaringen uitwisselen, helpen mensen vaak vooruit', zegt Maureen Luyens. 'Als seksualiteit daar taboe is, dan kan onder andere een therapeut of seksuoloog aangewezen zijn. Wanneer mensen bij mij in therapie komen, dan betekent dat dat hun seksuele leven een spanningsveld is geworden, maar ook dat ze samen bereid zijn om er wat aan te doen. Als therapeut zeg ik niet hoe het moet, maar ga ik mee op zoek naar de struikelblokken: wat zit er in de weg? wat zijn hun verlangens? hoe kunnen ze naar elkaar toegroeien? Meestal moeten mensen eerst alle negatieve gevoelens leren aanvaarden die kanker met zich meebrengt: de angst, de levensbedreiging, de verminking, de afkeer,. Daarna zoeken we naar manieren om met de nieuwe situatie om te gaan. En daarin spelen veel factoren mee; het seksuele leven loopt immers niet altijd alleen vast door de kanker.'






