LinksSitemapContact
U bent hier:

Borstkanker

 

Wat is borstkanker?

Borstkanker is een kwaadaardig gezwel in de borst. Als het gezwel niet wordt verwijderd of bestraald, zullen de kankercellen steeds verder doordringen in het gezonde borstweefsel. De kans bestaat ook dat kankercellen zich verspreiden, onder andere via het lymfestelsel. Dat lymfestelsel speelt een belangrijke rol bij de productie van afweerstoffen tegen ziekteverwekkers. Het bestaat uit lymfevaten en lymfeklieren of lymfeknopen. De meeste lymfevaten in de borst leiden naar lymfeklieren in de oksel. Als borstkankercellen de lymfeklieren onder de arm bereiken, kunnen ze verder groeien en zich van daaruit verder uitzaaien. Ook via het bloed kunnen kankercellen zich verspreiden.

Het Vlaams Kankerregistratienetwerk registreerde in 2001 in Vlaanderen meer dan 5.300 nieuwe gevallen van borstkanker. Borstkanker is daarmee de meest voorkomende kanker bij vrouwen. Ook mannen kunnen borstkanker krijgen. Het risico op borstkanker is voor een vrouw echter 100 keer groter dan voor een man.

Onderzoeken?

Als een vrouw iets abnormaals voelt of ziet aan haar borst, of als de arts een knobbeltje ontdekt, zal verder onderzoek wellicht nodig zijn. De arts kan dan een diagnostische mammografie laten uitvoeren, al dan niet gecombineerd met een echografie. Als er op de mammografie een afwijking wordt vastgesteld, kan er een punctie volgen en/of een biopsie. Aan de hand van een biopsie kan worden vastgesteld of de tumor goed- of kwaadaardig is. Als de diagnose borstkanker valt, kunnen nog andere onderzoeken volgen om te zien of er mogelijk uitzaaiingen zijn elders in het lichaam: een CT-scan of computertomografie (zeer gedetailleerde röntgenfoto's van het lichaam), een MRI (magnetic resonance imaging, beelden van het inwendige van het lichaam gemaakt met een sterke magneet), een botscan en/of een echografie van de lever, een radiografie van borstkas en ruggengraat.

Behandeling?

De meest voorkomende behandelingen van borstkanker zijn een operatie (chirurgie), een behandeling met medicijnen (chemotherapie), bestraling (radiotherapie) en hormoontherapie. De behandelend arts zal meestal een combinatie van deze verschillende methoden adviseren, afhankelijk van de aard en locatie van de tumor, de uitgebreidheid, de algemene conditie en de leeftijd van de patiënt. Soms zijn er verschillende behandelingen mogelijk. Aarzel niet uw arts vragen te stellen over de mogelijkheden en over de bijwerkingen van de verschillende behandelingen.

Chirurgie

Patiënten met borstkanker worden meestal geopereerd. De bedoeling is zoveel mogelijk aangetast weefsel weg te nemen. Hoeveel er wordt weggesneden, is afhankelijk van de locatie, de afmeting en het type tumor. Vaak kan een borstsparende operatie uitgevoerd worden (ook lumpectomie genoemd), waarbij enkel de tumor en een marge gezond weefsel worden verwijderd. Ook de lymfeklieren in de oksel kunnen worden verwijderd (ook wel een okselevidement of -uitruiming genoemd). Soms moet de borst helemaal worden weggenomen (een amputatie of mastectomie), al dan niet samen met de lymfeklieren in de oksel. Een mogelijke aantasting van een of meer lymfeklieren is een belangrijke factor bij het bepalen van de rest van de behandeling.

Bij bepaalde patiënten met kleine tumoren zonder verdachte okselklieren kan een sentinel-procedure toegepast worden. De sentinelklier of schildwachtklier is de eerste lymfeklier waarnaar tumorcellen rechtstreeks draineren. Deze klier kan opgespoord worden door net voor de operatie een kleine hoeveelheid radioactieve stof in te spuiten rond de tumor. Deze stof wordt opgenomen door de schildwachtklier die tijdens de operatie kan opgespoord worden en verwijderd wordt. Indien uit microscopisch onderzoek blijkt dat deze klier tumorvrij is, moet er geen bijkomende okselklieruitruiming gebeuren. Indien het microscopisch onderzoek aantoont dat er toch tumorcellen in de klier aanwezig zijn, zal een okselklieruitruiming gebeuren.

Na een borstamputatie kiezen sommige patiënten voor een borstprothese of een borstreconstructie

Bijwerking
Een mogelijke bijwerking van het verwijderen van de okselklieren en vooral van de bestraling van de oksel is een gezwollen arm, ook lymfoedeem genoemd. 5 tot 10% van de vrouwen die een okseluitruiming gehad hebben, krijgen vroeg of laat last van een dikke arm. Als de arm zwelt, strak of zwaar aanvoelt of pijnlijk is na de okseluitruiming, meldt u dit het best meteen aan uw arts. Sommige patiënten krijgen pas jaren na de behandeling last van hun arm. Een regelmatige controle en gespecialiseerde kinesitherapie kunnen problemen voorkomen. U vindt hier meer informatie over lymfoedeem.

Chemotherapie

De naam chemotherapie verwijst naar de kuur met geneesmiddelen die de groei van kankercellen remmen of vernietigen. De medicijnen worden via de mond ingenomen en/of rechtstreeks in de bloedbaan gebracht met een infuus, waarna ze zich door het hele lichaam verspreiden en overal eventuele kankercellen kunnen bereiken. Vaak wordt voor de toediening van chemo onder plaatselijke verdoving een poortkatheter ingeplant (voluit een subcutane veneuze poortkatheter, bekend onder de merknaam Port-a-cath®). Niet alle kankercellen zijn even gevoelig voor dezelfde medicijnen. Daarom wordt vaak een combinatie (een "cocktail") van celremmende geneesmiddelen (cytostatica) voorgeschreven. Chemotherapie na een operatie is bedoeld om preventief het risico te verkleinen dat de kanker terugkomt (deze toepassing heet adjuvante chemotherapie). Chemotherapie wordt soms ook vóór een operatie gebruikt om het gezwel te verkleinen (ook neoadjuvante therapie genoemd). Het kan ook worden gebruikt bij vrouwen met een uitgezaaide tumor.

Bijwerkingen
Chemotherapie tast behalve de kankercellen ook gezonde cellen aan. Daardoor kunnen er tijdelijk bijwerkingen optreden: vermoeidheid, misselijkheid en braken, verminderde eetlust, haaruitval, ontstoken mond, verhoogde kans op infecties... Ze verschillen van persoon tot persoon, en hangen onder andere af van de medicijnen, de hoeveelheid en de duur van de behandeling. Na de behandeling verdwijnen de meeste bijwerkingen. Bepaalde bijwerkingen kunnen echter maanden of jaren blijven aanslepen, bijvoorbeeld vermoeidheid, verminderde weerstand, smaakveranderingen, doof gevoel in de vingers... Bij vrouwen die nog niet in de menopauze zijn, wordt de menstruatie tijdens de behandeling soms onregelmatig of blijft achterwege. Dat betekent echter niet dat er helemaal geen kans is op zwangerschap (u gebruikt het best anticonceptiemiddelen, maar niét de pil). Bij vrouwen boven de 40 jaar blijft de menstruatie vaak definitief achterwege.

Radiotherapie

Radiotherapie is een behandeling met ioniserende stralen om kankercellen te vernietigen of de groei te vertragen. Bij radiotherapie wordt een stralenbundel (te vergelijken met een lichtbundel) precies gericht op de plaats van het gezwel of de plaats waar het gezwel zich bevond. De bestraling kan van buitenaf komen (uitwendige bestraling) of van radioactief materiaal dat in de tumor wordt ingebracht (inwendig bestraling). Bij borstkanker wordt meestal uitwendig bestraald. Het gebied dat moet worden bestraald, verschilt per patiënt, en ook de duur van de bestralingskuur, de intensiteit en het bestralingsschema (het aantal bestralingen) kunnen variëren. Bestraling kan kankercellen vernietigen die na een operatie nog in de borststreek of in de oksel zijn achtergebleven. De bestraling op zich is pijnloos.

Bijwerkingen
De radiotherapeut zal ervoor zorgen dat de toegediende dosis en het bestralingsveld zodanig worden berekend dat er zo weinig mogelijk schade wordt berokkend aan gezonde weefsels en organen. Toch kan straling ook invloed hebben op de gezonde cellen in het bestraalde gebied. Daardoor wordt de huid rood en gevoelig. Ook vermoeidheid is een vaak voorkomende bijwerking van radiotherapie. Deze bijwerkingen verdwijnen normaal een tijd na de therapie.

Hormoontherapie

Het vrouwelijk hormoon oestrogeen, dat in het lichaam wordt aangemaakt, kan de groei van borstkankercellen bij bepaalde vrouwen bevorderen. Er bestaan medicamenten die dit effect van oestrogeen tegengaan: ze blokkeren de ontwikkeling en de werking van hormoongevoelige tumorcellen. De medicamenten moeten meerdere jaren na elkaar worden ingenomen. Afhankelijk van het type medicament kunnen ook hier bijwerkingen optreden zoals warmteopwellingen, stemmingswijzigingen...

Na de behandeling?

Geneeskansen

De kans op genezing hangt van veel dingen af: van het stadium waarin de ziekte verkeert, van de leeftijd van de patiënt, de grootte van de tumor, of er al dan niet uitzaaiingen zijn, van de behandeling enz. De behandelende arts kan meer uitleg geven over al deze factoren. De kans op langdurige overleving is groter naarmate de ziekte in een vroeger stadium ontdekt werd.

Nazorg

Na een intensieve medische behandeling blijft er bij de meeste patiënten een gevoel van onzekerheid. Als de therapie met succes is afgerond, vragen patiënten zich af wat er nog meer gedaan kan worden. Als het met de therapie niet gelukt is de kanker uit te schakelen, is het de vraag hoe de symptomen zo goed mogelijk bestreden kunnen worden en wie daarbij kan helpen. Nazorg is in beide situaties dan ook erg belangrijk. Het begrip "nazorg" houdt veel in: medische begeleiding, oncorevalidatie (onder begeleiding bewegen en sporten om de fysieke conditie weer op te bouwen), psychische en sociale opvang, en/of palliatieve zorg.

Vragen?

Uw arts

Praat met de behandelende arts over mogelijke symptomen, bijwerkingen of fysieke, psychologische of emotionele problemen. Hij of zij kent uw ziekte en het verloop immers het best.

Andere hulpverleners in het ziekenhuis/de thuiszorg

Alle kankerafdelingen beschikken over gespecialiseerde zorgverleners die u kunnen helpen met praktische en emotionele problemen: verpleegkundigen, psychologen, sociaal werkers, diëtisten, logopedisten, kinesitherapeuten, enz. Vraag naar hen in het ziekenhuis of bij uw thuiszorgorganisatie.

VLK-ziekenhuisvrijwilligers

In een 40-tal ziekenhuizen in Vlaanderen heeft de Vlaamse Liga tegen Kanker (VLK) goed opgeleide vrijwilligers. Zij verzekeren een permanentie op bepaalde afdelingen van het ziekenhuis. Die vrijwilligers nemen de tijd om naar u te luisteren, met u te praten, u te helpen zoeken naar geschikte informatie, uw problemen te signaleren aan de zorgverleners enz. Vraag ernaar op de afdeling waar u behandeld wordt of raadpleeg de agenda van uw regio.

Lotgenoten

Veel mensen voelen zich enorm gesteund door lotgenoten. Hoe vindt u iemand die hetzelfde heeft meegemaakt?


Kankerlijn

Bel de Kankerlijn, of stel uw vraag op www.kankerlijn.beVoor een anoniem luisterend oor, deskundig advies of een bemoedigend gesprek: bel de Kankerlijn, 0800/35.445, elke werkdag van 9 tot 12 uur en van 13 tot 17 uur. Stel uw vraag op www.kankerlijn.be of per e-mail op kankerlijn@tegenkanker.be. O.a. voor informatie over financiële hulp en andere sociale voorzieningen, thuiszorg, palliatieve zorg, pruikenwinkels enz.

 

Kankermeldpunt

KankermeldpuntMeld uw probleem: bent u tevreden over de medische zorg, de begeleiding en ondersteuning? Of kan het beter? Hebt u ervaren dat er nog ruimte is voor verbetering? Aarzel dan niet, en signaleer het aan het Kankermeldpunt. Bel elke werkdag van 9u tot 12u. of via de website www.kankermeldpunt.be. Alles gebeurt in volledige anonimiteit. Het Kankermeldpunt kan geen individuele problemen oplossen. De VLK wil terugkerende problemen detecteren en voor structurele oplossingen pleiten.



Meer informatie?

Brochures, magazine, boeken

enz.

Een uitgebreide boekenlijst vindt u hier.

Websites

Activiteiten
Infosessies (over uw kanker, over nevenwerkingen, vermoeidheid...), workshops, lezingen, ontmoetingsdagen...: ze staan per regio in de agenda.

 

Patiënten vertellen


Laatst gewijzigd op: 31 mei 2013