LinksSitemapContact
U bent hier:

Lymfeklierkanker. Mohamed Karmaoui, mediakok Moke, raast nog steeds als een sneltrein maar houdt vaker halt

Lymfeklierkanker kort

Er zijn twee grote soorten kwaadaardige lymfomen of kankers van het lymfestelsel: Hodgkinlymfomen (genoemd naar dokter Hodgkin, die de ziekte in de 19de eeuw voor het eerst beschreef) en non-Hodgkinlymfomen. Een lymfoom is een kanker die begint in het lymfestelsel, wat een belangrijke rol speelt in de afweer tegen ziektes. Het lymfestelsel bestaat uit lymfeweefsel (bijv. in de milt, het beenmerg, de slijmvliezen.), lymfeklieren en lymfevaten en zit overal in het lichaam. De meest toegepaste behandelingen van lymfomen zijn op dit moment een behandeling met medicijnen (chemotherapie en immunotherapie) of bestraling (radiotherapie). Het Vlaams Kankerregistratienetwerk registreerde in 2000 in Vlaanderen 927 nieuwe gevallen van non-Hodgkin- en 133 gevallen van Hodgkinlymfomen. Non-Hodgkinlymfomen komen vooral voor bij mensen van boven de 50 jaar, Hodgkinlymfomen vooral op jongere leeftijd.

Schrijf ons!

Stuur uw reactie op artikels uit het tijdschrift Leven naar de brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer.

Mohamed Karmaoui. Foto Ivo Hendrikx Na heel wat gepuzzel vindt Mohamed Karmaoui, beter bekend als Moke van de kookprogramma's op TV Limburg en radio Donna, een vrij moment in zijn agenda voor een babbel over zijn ervaringen met kanker. Het is duidelijk dat de chef-kok weer op een hoog toerental draait. Zijn restaurant Ter Poorte, zijn tv-werk, zijn kookboeken drijven hem voort. Het gesprek over de voorbije moeilijke jaren verloopt verrassend gemoedelijk én in de voltooid verleden tijd.

Tekst: Lie Verschueren, uit Leven 28, oktober 2005

De lymfeklierkanker die Moke eind 2003 bedreigde en de hersenbloeding een jaar later, beschouwt hij als gepasseerd. 'Het is een afgesloten hoofdstuk. Ik ben weer zoals ik vroeger was. Ik voel weer dezelfde drive om zaken te realiseren. Ik eet alles wat ik vroeger at en ik kan mijn gerechten even precies afkruiden als voor ik ziek werd. Wat in zand geschreven is, wordt door golven weggespoeld. Enkel wat in steen gegrift is, blijft. Mijn ziekte beschouw ik als in zand getekend. De littekens gaan nooit weg.'

Het verdict 'lymfeklierkanker' was voor Moke een behoorlijke klap, niet alleen omdat hij nog volop zijn echtscheiding en maagproblemen aan het verwerken was, maar ook omdat het absoluut niet binnen zijn planning paste. Hij runde een restaurant van 200 à 300 couverts per week, liet graag van zich horen in radio- en tv-programma's over kokkerellen en schreef enkele kookboeken.

Moke ervaart de samenloop van tegenslagen niet als puur toevallig. 'Ik meen dat in elke mens iets als kanker schuilt en dat een combinatie van factoren bepaalt of iemand al dan niet effectief ziek wordt. Ik onderschat geenszins het belang van een juiste medische behandeling, maar meen toch dat mijn ziek worden én mijn herstel, ook gedeeltelijk tussen mijn twee oren zat. Maar ik bleef geloven in mijn genezing en ik dwong de mensen rondom mij mee op dat pad te blijven. Natuurlijk werd het intense verdriet en de angst me soms te veel en een tijdlang heb ik bijna dagelijks geweend. De omhelzingen waarmee sommigen dan reageerden deden ontzettend veel deugd.'

'Maar niet iedereen kon ermee overweg. Sommige klanten en vrienden waren plots niet meer te zien. Erg was dat. Dat was ook financieel moeilijk, omdat ik als zelfstandige mijn inkomensverlies zoveel mogelijk moest beperken. Sommige leveranciers vertrouwden me niet meer en leverden enkel nog tegen contante betaling. Klanten waagden het niet het trouwfeest van hun zoon of dochter in onze feestzaal te reserveren. Of ze kwamen hier niet meer eten omdat ze vreesden dat er een vervangkok achter de kookpotten stond. En als zelfstandige krijg je nergens financiële steun. Integendeel! Gelukkig had ik nog een job in het onderwijs en dus een beperkt inkomen. Een verzekering "gewaarborgd inkomen" had ik niet afgesloten. Ik was er altijd van uitgegaan dat iets als kanker mij nooit zou overkomen en ik vond de premies erg hoog. Ik had wel een hospitalisatieverzekering. Die betaalde na lang beraad ook de vijf dure inspuitingen met een nieuw type medicatie terug die volgden op de chemotherapie. De vaste kosten van mijn bedrijf liepen echter gauw torenhoog op en dwongen me aan het werk te blijven. Dat was vaak moeilijk want ik had geen zin in eten en dus ook weinig kookinspiratie. De geuren waren anders en alles smaakte naar ijzer of gewoonweg naar niets.'

'Verplicht worden om door te gaan met mijn werk betekende wel dat ik me niet uitgerangeerd voelde. Ik had geen tijd om depressief te zijn. Na een poos kon ik zelfs weer lachen. Al heb ik ook andere periodes gekend. De behandeling van kanker vreet soms onvoorstelbaar diep aan je lijf en aan je kunnen. Mijn kracht ging helemaal weg en tot mijn verbijstering ook mijn spieren. Van vijftien, zestien of meer uren per dag werken, kon ik enkel nog dromen. Soms blokkeerde mijn linkervoet plots en kon ik die een paar dagen niet verroeren. Mijn maag was weggenomen en vervangen door een deel van de dunne darm waardoor ik niet meer gelijk wat en enkel kleine porties kon eten. Ik vermagerde zo'n 40 kilo. Mijn moeder schreef op welk voedsel ik wel of niet verdroeg. Tomatensoep werkte direct op mijn darmen. Ik verging van de pijn als ik champignons of eieren at. Toch heb ik het vertikt de voorgeschreven diëten strikt te volgen. Ik wilde me op dat vlak niet binden.'

'Het moeilijkste moment was toen ik merkte dat mijn haar uitviel. Ik vergeet het nooit. Het was avond. Ik was in de keuken bezig. Ineens had ik een pluk haar in mijn hand. In paniek heb ik mijn moeder gebeld om voor de kinderen te zorgen en ben ik naar een vriendin gereden die kapster is. Tegen mijn overtuiging in was ik niet bij de kleine groep gelukkigen die deze dans ontspringen na chemotherapie. Ik was verschrikkelijk bang om kaal te zijn, ook al was een gladgeschoren hoofd een beetje een modeverschijnsel en niet meer zo uitzonderlijk. Niet alleen mijn hoofdhaar maar ook de andere beharing viel uit waardoor ik het altijd ontzettend koud had. Ik had er evenmin rekening mee gehouden dat de behandeling het erectievermogen kon aantasten. Toen ik dat als een probleem signaleerde wuifde men het weg als van minder belang. Daar stond ik dan als jonge man van 35 jaar, die dat natuurlijk wél heel belangrijk vond. Gelukkig was het maar tijdelijk, maar men kan patiënten dergelijke vervelende verrassingen besparen door hen zo volledig mogelijk in te lichten over de eventuele nevenverschijnselen van behandelingen. Een magazine als Leven is daar een prima middel voor. Maar eigenlijk ben ik heel tevreden over de opvang in het ziekenhuis hoor. Mijn oncoloog en de hele ploeg, ze hebben mij daar goed ondersteund.'

Mohamed Karmaoui is nog altijd de sneltrein die hij was, maar hij bouwt nu extra stopplaatsen in. 'Ik wil meer bij mijn kinderen zijn. Zij hebben recht op een vader die tijd voor hen heeft. Ook voor een gesprek hier of daar trek ik nu gemakkelijker tijd uit. Ik aanvaard nog steeds veel aanbiedingen want ik heb stress nodig om goed te functioneren. Ook voor mijn werk op radio en tv ga ik weer voor honderd procent maar ik besef eveneens dat bekendheid relatief en vergankelijk is. Voor opdrachten waar ik geen plezier aan beleef, pas ik nu echter zonder te twijfelen. Ik wil de klanten in mijn restaurant absoluut soigneren maar me uitsloven voor een Michelin-ster, daar bedank ik voor. '

Naar het verhalenoverzicht