LinksSitemapContact
U bent hier:

Kanker en werk. Lut Saelens: 'Liever een ex-kankerpatiënt dan een "plantrekker"'

Als mensen vernemen dat ze kanker hebben, staan ze vaak voor een moeilijke keuze: blijven werken of hun job - geheel of gedeeltelijk - opzeggen. Aan de slag blijven is soms te zwaar en moeilijk te combineren met de behandeling. Maar werk zorgt voor afwisseling en vermijdt dat de patiënt sociaal geïsoleerd raakt. Daarom is het des te erger als patiënten die willen en ook zouden kunnen blijven werken, door hun ziekte hun baan kwijtraken of op problemen stoten bij sollicitaties. Nochtans hoeft kanker geen reden te zijn voor ontslag of van doorslaggevend belang te zijn bij aanwervingen. Dat stelt Lut Saelens, ex-kankerpatiënte en momenteel werkzaam bij een headhuntersbedrijf.

Tekst: Lie Verschueren, uit Leven 2, april 1999

Vorige week droeg Kris Van Vaerenberg een werkmakker ten grave die aan kanker overleed. "Toen hij ziek werd, nam ik zijn job over. Ik bleef hem al die tijd bij het werk betrekken. Maar stilaan drukte ik toch mijn eigen stempel op de job en dat gaf me wel eens schuldgevoelens. Ik doe de job graag, maar zou wat graag een stap opzij zetten als dat hem weer levend kon maken", aldus Kris. Maar wat als een kankerpatiënt na één of twee jaar ziekte inderdaad weer opduikt? Zetten anderen dan inderdaad makkelijk een stap terug? Vertrouwt een werkgever hem dan genoeg om hem zijn functie terug te geven?

Positieve tendens
Volgens Agnes Ramakers, ex-kankerpatiënte en vakbondsafgevaardigde in een multinational, valt dat tegenwoordig wel mee. "Twintig jaar geleden was dat probleem groter dan vandaag. Ikzelf kreeg bijvoorbeeld de dag nadat ik weer aan het werk ging mijn ontslag. Maar op mijn huidige werk heeft de directie er geen probleem mee", zegt ze. Ook enkele van haar collega's konden na een min of meer langdurige behandeling voor kanker, probleemloos terug aan de slag. Toch kunnen mensen met een langdurige ziekte nog steeds hun baan kwijtraken. Als iemand langer dan zes maanden arbeidsongeschikt is, heeft de werkgever het recht om die werknemer omwille van zijn gezondheidssituatie te ontslaan. Het volstaat dan een ontslagvergoeding te betalen. Maar volgens Agnes, die via vrijwilligerswerk vaak contact heeft met kankerpatiënten, is kanker steeds minder een reden voor ontslag.

Het verhaal van Lut Saelens bevestigt die tendens. "Toen ik ziek werd, ben ik een tijd gestopt met werken. Ik wilde intensief voor mezelf kunnen zorgen. Ik voelde intuïtief aan wat goed voor me was: zon, muziek, wandelen en rust, gezonde voeding en vooral mijn eigen grenzen kunnen trekken." Na haar herstel keerde Lut terug in het arbeidscircuit. Daar ervaarde ze dat iemands ziektegeschiedenis niet essentieel is voor een werkgever.

Geen beslissende factor
"De situatie ligt wel enigszins anders bij een sollicitatie", zegt ze. "Maar ook bij aanwervingen hoeft kanker geen factor van doorslaggevend belang te zijn. Als je erin slaagt de ziekte die je hebt doorgemaakt, niet langer als een probleem te beschouwen, dan doet je omgeving - en een werkgever - dat meestal ook niet. Toen ik weer beter was, kreeg ik de kans om een outplacementbureau op te starten. Ik vond toen dat ik open kaart moest spelen over mijn ziekteverleden omdat ik een grote verantwoordelijkheid kreeg en de kans op hervallen reëel was. Maar blijkbaar straalde ik voldoende gezondheid en vertrouwen uit om mijn werkgever te overtuigen", herinnert ze zich.

Toen ze enige tijd later bij een ander groot bedrijf solliciteerde, besloot Lut Saelens over haar vroegere ziekte te zwijgen: "Zelf vond ik dat de risico's die het bedrijf nam door mij aan te werven, zeer beperkt waren." Op het geneeskundig onderzoek sprak ze er wel over met de bedrijfsarts. Die beloofde zich aan zijn zwijgplicht te houden. Ze werd aangeworven als personeelsmanager. Nu verzorgt ze personeelsselecties voor een headhuntersbedrijf. Uit ervaring weet ze goed wat bij selectieprocedures de doorslag geeft. "Kanker zou geen beslissende factor mogen zijn. Zeker niet als de ziekte geen negatieve invloed heeft op het werk. Ikzelf vraag zelden of nooit naar iemands ziektegeschiedenis. Een werknemer is overigens niet verplicht die informatie te geven, tenzij die essentieel is om de job goed te kunnen doen. Al komt de waarheid dikwijls toch nog aan het licht als men begint door te vragen over hiaten in iemands curriculum vitae. Maar geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt van ex-kankerpatiënten om die reden niet voor te stellen voor één of andere functie", aldus Saelens.

Openheid
In de meeste situaties pleit Lut Saelens voor zoveel mogelijk openheid. "Door te tonen dat je op een volwassen en moedige manier omgaat met de ziekte die je hebt doorgemaakt, maak je een goede indruk. Voor de meeste werkgevers geldt: liever een gedreven en gemotiveerde ex-kankerpatiënt dan een "plantrekker" op wie je niet kan rekenen. Werkgevers zijn zelden de onmenselijke boemannen waar ze soms voor doorgaan. In realiteit blijkt menselijkheid, zeker op langere termijn, ook voor hen voordeliger dan een streven naar zekerheid die nooit 100% is."

Openheid biedt bovendien kans op overleg. "Ik ontmoette een vrouw die jaren chemotherapie kreeg voor borstkanker. Ze werkte als financieel directeur in een bedrijf. Ze kon dat werk maar blijven doen als ze er af en toe een dag tussenuit kon voor de therapie. In overleg met haar werkgever kon ze een regeling treffen en haar job behouden. Iemand anders stelde zijn baas voor deeltijds aan het werk te blijven en het overblijvende werk aan een interimaris te geven. Ook dat lukte."

Zelfhulpgroepen
Toch beseft Lut Saelens dat dit niet voor iedereen is weggelegd. Zo zal een (ex-)kankerpatiënt met een fysiek veeleisende job het meestal moeilijker hebben om zijn job te behouden dan iemand met een kantoorbaan. Bovendien is niet iedereen mondig en assertief genoeg om zijn werkgever te overtuigen. Volgens haar nemen vakbonden vaak - weliswaar met de beste bedoelingen - te gemakkelijk die verdedigingstaak over. "Zij strijden op basis van wettelijke rechten. Nochtans biedt persoonlijk overleg met de werkgever meer kansen op succes", zo leerde ze uit ervaring. "Vakbonden zouden mensen kunnen helpen mondiger te worden in plaats van hun problemen zelf op te lossen. Zelfhulpgroepen bijvoorbeeld leren patiënten en ex-patiënten zelf oplossingen te zoeken voor hun problemen. Ze delen geen vis uit, maar leren de mensen vissen."

Ook werkgevers zouden volgens Lut Saelens heel wat beter geïnformeerd kunnen zijn. "Een zelfhulpgroep zou hiervoor een forum kunnen bieden. Jammer dat ze zo weinig bekend zijn bij het publiek. Zij zouden hun marketing wat beter moeten verzorgen. En de overheid zou hen meer geld moeten geven. Ik ben graag bereid vanuit mijn eigen ziekte- en beroepservaring mijn steentje bij te dragen om mensen te leren constructief om te gaan met problemen."

Naar het verhalenoverzicht