Haaruitval door chemotherapie. Of hoe haar zorg haarzorg wordt
Workshop verzorging en make-up
De Vlaamse Liga tegen Kanker (VLK) organiseert al jaren verzorgings- en make-upsessies voor wie kanker heeft. Mensen krijgen er in twee uur tijd enkele technieken om haarverlies, een vale gelaatskleur of het uitvallen van wimpers en wenkbrauwen te maskeren. Want als je er goed uit ziet, voel je je meestal ook beter. In de agenda (p. 2) op deze site vindt u alle workshops van de komende maanden.
Haarverzorging
De Kankertelefoon kan voor u opzoeken waar er in uw buurt goede haarzorg- en pruikenwinkels zijn. Bel naar 070/150.151 of mail kankerlijn@tegenkanker.be.
Zo kan het ook
Sophie kreeg op haar 23ste kanker en ging in haar behandelingsperiode pruiken shoppen. Ze kocht er negen verschillende in theaterwinkels. Lees haar boek: Meisje met negen pruiken, Sophie van der Stap, Prometheus, 2006, ISBN 978-90-446-0850-2.
Tijdelijk of blijvend?
Niet alleen het hoofdhaar, maar ook wenkbrauwen, wimpers, okselhaar en schaamhaar kunnen uitvallen. Haarverlies na chemotherapie is tijdelijk, enkele weken na het einde van de behandeling begint het weer te groeien. Door bestraling op het hoofd kan het haar wel blijvend beschadigd worden.
Schrijf ons!
Stuur uw reactie op artikels uit Leven naar brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer.
Tekst: Kristel Bruynseels, uit Leven 42, april 2009
- Marinka Dekeerle. Of hoe haar zorg haarzorg wordt
- Jenny Claes, schoonheidsspecialiste. Kaal hoeft niet lelijk te zijn
Marinka Dekeerle. Of hoe haar zorg haarzorg wordt
Toen Marinka Dekeerle (55) afscheid moest nemen van haar haar, kende ze maar één manier: actie ondernemen. Concreet vertaalde ze dit in een pittige pruik en een grappig mutsje.
‘Met mijn pruik op heb ik het gevoel dat ik gezond ben. Als ik ze af zet, is het weer minder.’ Aan het woord is Marinka, echtgenote, moeder van drie kinderen en grootmoeder van één kleinkind en drie op komst. Ze praat zacht en tegelijk toch krachtig. Marinka is een vrouw die weet wat ze wil, wat ze nodig heeft en daar ook voor gaat. Hoe ze omgaat met het verlies van haar haar, is daar een voorbeeld van.
‘Eind juni 2008 kreeg ik na enkele onderzoeken de diagnose: borstkanker. Ik onderging een operatie en was vooral blij dat de tumor weg was. Maar nadien kwam de therapie: chemo, een hormonale behandeling en een behandeling met Herceptine. Er werd me verteld dat ik door de behandeling mijn haar zou verliezen. Dat vond ik vreselijk.’
Marinka ging vóór haar ziekte wekelijks naar de kapper. Daar liet ze de volle, golvende haarbos uitbrushen en dan kon ze er weer zeven dagen tegenaan. Achteraf gezien een voordeel, want het maakt dat zij en haar kapster elkaar door en door kennen. Mijn kapster steunde me meteen. Op haar advies liet ik de weken voor de eerste chemo mijn halflang haar telkens een beetje korter knippen. Tegen dat ik mijn eerste behandeling kreeg, had ik een kopje van zo’n 3 à 4 centimeter. Na de eerste kuur trok ik elke dag aan mijn haardos, om te voelen of die nog vast zat. Ik wist dat het vanaf de tiende dag zou beginnen, maar die ochtend voelde het allemaal nog heel erg stevig. Om vier uur in de namiddag begonnen de plukjes haar rond te dwarrelen. Ze lagen overal: op de kussens, op de grond... ik belde mijn kapster en de volgende dag stond ze er. Ze scheerde me helemaal kaal en had ook de pruik al bij zich die we samen van tevoren uit een catalogus gekozen hadden. Ik zette ze op en ze knipte ze bij tot ze perfect zat. Mijn man en kinderen verzekerden me meteen dat je het verschil met mijn vroegere haar niet ziet. Of dat zo is, weet ik niet, maar nu durf ik wel weer buiten komen en bij vrienden langs gaan.’
Met mijn pruik op heb ik het gevoel dat ik gezond ben. Als ik ze afzet, is het weer minder.
Ondertussen gaat de pruik overdag op, ’s avonds in bed zet Marinka een fleece mutsje op. Er was enkel nog een roze exemplaar in voorraad en samen lachen we daar om. Maar het mutsje is wel een hulp. ‘Het is anders te koud. Een kaal hoofd is iets heel ongewoons, ik kan er maar moeilijk aan wennen. Zelfs onder de douche was ik mijn hoofd met een washandje om het niet te voelen, al raak ik sinds kort af en toe mijn hoofd aan. Ik heb nog nooit in de spiegel gekeken zonder mijn pruik op. En niemand heeft me tot nog toe kaal gezien. Met mijn pruik op voel ik me normaal. Ik kan ongestoord Marinka zijn, mensen stellen geen vragen. Soms zie ik in het ziekenhuis vrouwen die gewoon kaal rondlopen. Ze doen dat met een zekere waardigheid en dat bewonder ik. Maar dat is niet zo voor mij. Als ik geen pruik had, zou ik niet meer buiten gekomen zijn.’
Marinka was altijd al gesteld op haar verzorgde uiterlijk en dat blijft zo. Wanneer ze buiten gaat, checkt ze of haar pruik goed zit in de vensterramen die ze passeert. Ze verzorgt haar hoofdhuid elke dag met amandelolie. En omdat ook de wimpers uitgevallen zijn, trekt ze nu een contourlijntje rond haar ogen. En af en toe kan ze zelfs lachen met haar kale hoofd en haar pruik.
‘Ik probeerde krampachtig voor Lotte, mijn kleindochter van vier, te verbergen dat ik kaal ben. Maar blijkbaar heeft ze het toch door. Onlangs zei Lotte me: ‘Oma, jij kan je haar afdoen, maar dat van mij plakt vast. Ik ben ook al eens ziek geweest, maar mijn haar plakt nog altijd vast!’ Dat vond ik zo grappig. En zodra mijn haar weer groeit, krijgt Lotte de pruik. Dan gaat ze de speelgoedkoffer in en naar dat moment kijken wij allemaal uit!’
Jenny Claes, schoonheidsspecialiste. Kaal hoeft niet lelijk te zijn
Jenny Claes is schoonheidsspecialiste en geeft al tien jaar advies aan kankerpatiënten: ‘Vrouwen gaan verschillend om met het verlies van hun haar. De ene vrouw bedekt haar hoofd soms, de andere altijd, een derde nooit. Iedere vrouw moet vooral op eigen tempo zoeken waar ze zich goed bij voelt. Waar een vrouw ook voor kiest, als ze in de spiegel kijkt, moet ze zichzelf zien. Dat is het enige wat telt, regels zijn er niet.’
‘Er zijn natuurlijk wel verschillende mogelijkheden: pruiken, hoedjes, mutsen en sjaaltjes… In de synthetische pruiken heb je twee grote categorieën: machinaal gemaakte en handgeknoopte. Ik heb het hier enkel over synthetische pruiken, want pruiken met natuurlijk haar zijn heel duur en moeilijker te onderhouden, je moet ze (laten) wassen en brushen zoals je eigen haren. De twee types synthetische pruiken zijn te verkrijgen met een monostructuur. Dat is een soort dunne film boven op de kruin zodat je scheidingen kunt maken in het haar, wat natuurlijker oogt.’
‘De machinale pruiken zijn iets zwaarder en soms kan je de stiklijnen voelen. Machinale pruiken vind je vanaf 300 euro. Handgeknoopte pruiken voelen comfortabeler aan, maar kosten meer. Je vindt ze vanaf 600 euro. In beide gevallen betaalt de mutualiteit zo’n 130 euro terug.‘
‘Heel belangrijk bij de keuze van je winkel, is dat je geholpen wordt tot de pruik echt heel goed zit én bovendien ook heel goed op maat geknipt wordt zodat ze bij jouw persoon past. Het uiteindelijke doel is immers dat jij je weer goed gaat voelen.‘
‘Daarnaast kun je natuurlijk ook kiezen voor een muts of sjaaltje. Je vindt ze in alle kleuren en maten en in verschillende stijlen, aangepast aan het seizoen. Kies je voor een mutsje, ga dan voor fleece in de winter, of katoen in de zomer: dat is zacht en kun je goed onderhouden. Zijde of synthetische stoffen nemen geen transpiratievocht op of zijn te glad en glijden van je hoofd af zodat je je onzeker gaat voelen. Wat er ook op je hoofd staat, het moet je zo’n comfort geven, dat je vergeet dat het erop staat. Vanaf 15 euro kun je al iets hebben.’
Wat er ook op je hoofd staat, het moet je zo’n comfort geven, dat je vergeet dat het erop staat.’
‘Wil je gewoon kunnen liggen en geen naden of knopen voelen, koop dan een Buff®. Dat is een multifunctionele sjaal, een soort stoffen buis zonder naden. Ze geeft je warmte, voelt comfortabel aan, wast gemakkelijk, je hoeft ze niet te strijken en ze bestaan in verschillende kleuren, met of zonder fleece. Buffs zijn te krijgen in sportwinkels.’
‘Ook wenkbrauwen en wimpers kunnen uitvallen. Hier adviseer ik om wanneer je je wenkbrauwen nog hebt, alvast te beginnen oefenen in bijtekenen met een wenkbrauwpotlood. Wanneer je wimpers uitvallen, kun je je ogen accentueren met een fijn lijntje met een oogcontourpotlood.’
‘En dat dit alles helpt, zie ik elke keer weer wanneer hier een vrouw buiten stapt die zichzelf een stukje liever ziet dan daarvoor.’






