LinksSitemapContact
U bent hier:

Risicocommunicatie

Meer lezen

U kent het ongetwijfeld: we vertellen de jeugd of de roker hoe slecht het allemaal wel is, bewijzen het met cijfers en betrouwbare bronnen, we halen er zelfs enkele sympathieke gezichten bij die er ook nog even over getuigen en hopen dat we zo voldoende op de risico's hebben gewezen en dat de roker of mogelijke roker zich zal bedenken. Dit is risicocommunicatie.

Werkt risicocommunicatie?

Wat merken we echter? Deze communicatie helpt niet. Hoeveel aandacht we ook besteden aan al die elementen, hoe betrouwbaar de cijfers ook zijn, hoe medelevend we ook zijn... het lijkt geen effect te hebben. Dergelijke campagnes lijken niet door de verdediging van de rokende medemens heen te geraken.
Hier zijn meerdere oorzaken voor te vinden:

De hardleerse roker

Wie nu nog steeds rookt, na alle campagnes, is wellicht een zware en vooral sociale roker. Wellicht roken de meeste vrienden en familieleden van deze rokers ook, zodat roken bij hen een vast onderdeel van hun bijeenzijn is geworden. Roken wordt hier makkelijk overgedragen van generatie op generatie.

'Te jong om oud te sterven'

Hoe jonger een roker start, hoe minder hij wakker ligt van de gevolgen op lange termijn. Als je pas 12 bent, lijkt 50 jaar nog heel ver af. 'Sterven aan longkanker? Ah, je moet van iets dood', lachen ze de gevaren dan nog weg. En wanneer die rokers dan ouder worden, zijn ze inmiddels al zo vastgeroest in hun gewoontes, dat ze bij de hardleerse rokers gaan horen, die onbereikbaar zijn voor campagnes.

De roker als held

Nogal wat rokers zien in roken een vorm van helfdhaftige opstandigheid. Ze weten wel dat het ongezond is, maar menen zich door te roken af te keren van en zelfs kritiek te geven op 'de verzorgingsstaat'. Zo zie je de held in rebelse films ook vaak straffeloos tabak en eventueel andere drugs gebruiken. Het inspirerende rookgedrag van rockartiesten bevestigt dit beeld uiteraard.
Of de rokers zich hiermee gewoon goed proberen te praten, of dit ook daadwerkelijk de reden is waarom ze niet stoppen, maakt hier even niet uit; feit is dat risicocommunicatie bij hen vaak een tegengesteld effect heeft. Hoe meer inmenging, hoe meer verzet.

De onkwetsbare roker

Tabaksproducten geven een vreemde boodschap mee: ze worden op heel veel plaatsen verkocht (in tegenstelling tot andere giftige stoffen), nogal wat mensen lopen er zomaar mee op zak (in tegenstelling tot andere schadelijke stoffen) en de producenten zeggen dat het nogal onschuldig is. Anderzijds beweren wetenschappers dat het wel degelijk levensgevaarlijk is. Elke sigaret die je opsteekt, lijkt daardoor wel spelen met vuur, zonder dat er meteen gevolgen zijn. Het lijkt wel een vorm van Russische roulette met uitgesteld effect.
Wie rookt, doet iets gevaarlijks, weet hij, maar toch merkt hij dat nooit. Als hij gevaarlijk omgaat met elektriciteit of een mes, dan is het risico direct merkbaar. De roker denkt echter na elke sigaret te kunnen vaststellen dat hij er niet slechter op geworden is, en waant zich dan ook eventjes boven de gevaren verheven. Hoesten? Longproblemen? Kanker? Ik niet. Dat gebeurt enkel met anderen.
De verplichte vermelding van de risico's op het pakje versterken dit gevoel alleen en spelen de tabaksindustrie trouwens ook juridisch in de kaart: 'Zeg niet dat u het niet wist'.

Het tegenoffensief

Tegenover risicoboodschappen worden ook steeds tegenargumenten gezocht die die boodschappen dan moeten ontkrachten:

  • De uitzondering als argument: 'Sterf je vroeger aan sigaretten? Onzin, mijn grootvader heeft zijn hele leven gerookt en hij leeft nog.' - De spreker gaat er dan van uit dat hij ook uitzonderlijk is, wellicht.
  • Het cynische argument: '10 jaar korter leven? Mij niet gelaten, de gemiddelde leeftijd is 76, dat vind ik toch te oud, dan zit je daar toch maar in het oudemannenhuis.' - Dat hun einde helemaal niet aangenaam zal zijn, vergeten ze hier.
  • Het verwijsargument: 'En wat dan, denk je dat de lucht buiten zo zuiver is? En ons eten zit ook vol smeerlapperij.' De spreker probeert hier aan te geven dat sigarettenrook niet erger is dan de andere gevaren die ons omringen, hoewel onderzoeken dit tegenspreken. Dat de media ook meer over nog niet bekende bedreigingen berichten dan over het tabaksgevaar bestendigt hun visie.
  • Het controleargument: 'Akkoord, het is schadelijk als je veel rookt. Maar een sigaretje kan geen kwaad, hoor. Ik rook enkel in het weekend en heb het perfect onder controle.' - Elke sigaret is schadelijk.
  • De ontkenning: 'Ah, dat is allemaal fel overdreven.' Sommige mensen blijven de onderzoeksresultaten resoluut naast zich neerleggen en blijven hardnekkig ontkennen.

Het mag

'Als roken werkelijk zo slecht zou zijn, waarom halen ze het dan niet van de markt?' Het feit alleen dat tabaksproducten zo makkelijk te krijgen zijn, terwijl andere verslavende, gevaarlijke producten wel streng verboden zijn, doet velen denken dat het wel niet zo erg zal zijn. 'Cocaïne en heroïne, ja, dat is gevaarlijk. Maar een sigaret, die vind je toch overal?' De hypocriete houding van een staat die enerzijds wijst op het gevaar van roken en anderzijds economische redenen laat spelen om het toch maar niet te verbieden, ondermijnt ook steeds elke overheidscampagne.

Alternatief 1. Een algemeen rookverbod?

Zouden we het roken niet gewoon kunnen verbieden? Zo onlogisch zou het niet zijn. Als je denkt hoe Vlaanderen en heel België reageerden op een beetje dioxine, waar niemand aan gestorven is of zelfs maar langdurig ziek van geworden is, dan zou je toch denken dat het verbieden van een van de belangrijkste doodsoorzaken een fluitje van een cent zou zijn. Geen enkele hedendaagse maatschappij zou het verantwoord vinden dat zijn burgers met gewapende revolvers door de straten zouden lopen, maar zachte moordwapens als tabak worden toch gedoogd, hoewel er wereldwijd veel meer doden vallen door tabak dan door kogels.

Toch lijkt het onhaalbaar om dit als wetsvoorstel zelfs maar naar voren te schuiven. De sigaret is in de loop der jaren een symbool geworden, een icoon van de menselijke vrijheid. Dat deze individuele vrijheid ook anderen hindert - ook meeroken is dodelijk - wordt hier dan gemakkelijkheidshalve vergeten. Maar hoe het ook zij, politici durven het blijkbaar niet aan om dit symbool aan te vallen of aan te pakken.

Bhutan, een geïsoleerd koninkrijk in het Himalayagebergte, is het enige land ter wereld waar de roken volledig verboden is. Ook Niue, een eilandje in de grote oceaan met slechts 1.300 inwoners, overweegt een totaal rookverbod en verbod op de verkoop van tabak in te voeren. 

Alternatief 2. Een persoonlijke aanpak

Raad van bovenaf werkt niet. Wat echter wel lijkt te helpen is de druk van onderuit. Niet-rokers die mondiger worden en rokers in hun omgeving beperkingen opleggen, lijken die eisen na verloop van tijd ook tot wet te kunnen laten uitgroeien. Kijk maar naar onze huidige wetgeving omtrent roken.

Hier ligt dus een stevige verantwoordelijkheid bij de niet-roker, die gevraagd wordt voor zijn gezonde lucht op te komen. De kans is groter dat een vrouw haar echtgenoot zal laten stoppen met roken dan dat de overheid daarin zal slagen.

Alternatief 3. Preventie

Gezien rokende jongeren zo moeilijk te benaderen zijn, is het beter hen vooraf al preventief te wapenen. En het wapen bij uitstek is hier het woordje 'Neen'. Een sigaret kun je weigeren.
Dit gaat dan ongeveer zo:

  • Het aanbod
    Doorgaans is dit heel eenvoudig: 'Een sigaretje?'
  • Neen
    Zeg hier gewoon, rustig, maar duidelijk: 'Neen'. Wellicht is dit al voldoende. In de meeste gevallen wordt er niet verder aangedrongen. Probleem opgelost.
    Maar soms gaat het verder:
  • Het aandringen
    'Allez toe' en 'Doe niet flauw' zijn hier de bekendste formules, vaak gevolgd door 'van eentje zul je niet sterven, hoor'.
  • Neen + uitleg
    Herhaal dat u geen sigaret wil en vertel ook waarom niet. Vergeet niet dat u niet de enige bent die 'neen' zegt: de meeste jongeren én volwassenen roken immers ook niet. Bovendien mag niemand verplicht worden om een sigaret aan te nemen en te roken. Hopelijk houdt het aandringen hierna op. Zo niet hoeft u echt niet in discussie te treden: herhaal uw 'Neen' en vraag u af of die aandringer eigenlijk wel een vriend is; vrienden houden toch rekening met de mening van een ander?

Als volwassene - ouder of leerkracht - kunt u dit preventieve gedrag ook eens via een rollenspel laten oefenen. Het helpt hen later om effectief 'neen' te zeggen, wanneer ze dit al eens hebben gedaan in een gelijkaardige situatie. Hiervoor speelt iemand de aanbieder, en de andere de neen-zegger.

Bron: WHO, William Leiss , Eco-Research Chair in Environmental Policy, School of Policy Studies, Queen's University, Kingston, Ontario, Canada K7L 3N6 Risk Perception and Communication: Environmental Tobacco Smoke and Child Health.